Hoe ik met OBM de volgende keer wel slaag voor het hondenexamen

Avatar foto
Geschreven door: Martine van Nuenen Datum: 13-02-2025 Tag: Blog
beer3 e1739446889680

Dinsdagavond 19.00 uur. Ik sta gespannen op het grasveld van de hondenschool. Onze hond Beer aan mijn voeten en een zeer serieus ogende examinator naast me.

Waarom ik klamme handen heb? Beer voert thuis alle commando’s foutloos uit, maar ik weet ook dat hij zich heel makkelijk laat afleiden.

En jawel hoor, mijn vrees wordt waarheid: zelfs bij het meest eenvoudige commando zoals “afliggen” kijkt Beer me aan alsof ik geheimtaal spreek. We zakken dus voor het examen en zitten een uur later beiden gefrustreerd in de auto terug naar huis.

Ik weet dat hij het kan. Maar waarom laat hij het op dat ene belangrijke moment niet zien?

De volgende ochtend in de auto bedenk ik me dat ik dit fenomeen ook regelmatig in mijn werk bij mensen zie. Weten wat je moet doen en het ook willen doen, is blijkbaar nog geen garantie voor doen.

 

Hoofd en hart, maar waar blijven die handen?

Beer heeft geleerd om op grote afstand terug naar zijn plaats te worden gestuurd op commando en dat lukt meestal vlekkeloos. Toch weigert hij opeens tijdens het examen. Precies hetzelfde geldt voor ons als mensen. Vaak weten we wat het juiste gedrag is, willen we het zelfs graag laten zien, maar lukt het simpelweg niet. Is het koppigheid? Onwil? Nee, vaak spelen andere factoren een rol, zoals stress, externe prikkels of een verandering in de context.

Gedrag staat niet los van de situatie of context waarin het plaatsvindt. Zelfs als iemand weet wat het juiste gedrag is en de intentie heeft om dat gedrag te vertonen, kan de omgeving een grote invloed hebben op wat er daadwerkelijk gebeurt. Dit inzicht komt uit de gedragspsychologie en is de basis van Organizational Behavior Management (OBM).

 

Welke factoren beïnvloeden gedrag?

Inzicht en motivatie zijn belangrijk, maar gedrag wordt bepaald door hoe de omgeving en de bijbehorende consequenties het gedrag beïnvloeden. Als de context verandert of de juiste consequenties ontbreken, ontstaat er vaak een kloof tussen wéten wat je moet doen en het daadwerkelijk dóen.

In OBM wordt de ABC-analyse (Antecedent – Behavior – Consequence) gebruikt om gedrag te begrijpen en te sturen. Dit model helpt verklaren waarom gewenst gedrag soms niet optreedt, ook al weten we wat er van ons verwacht wordt.

Antecedent (A): Wat gaat vooraf aan het gedrag?
Dit zijn de prikkels of signalen die het gedrag uitlokken. Bijvoorbeeld:
– Bij een hond: het commando ‘plaats’
– Bij mensen: een ingeplande taak in de agenda

Behavior (B): Het vertoonde gedrag.
– De hond voert het commando uit of blijft simpelweg staan
– De medewerker handelt de taak af of stelt het werk uit

Consequence (C): Wat volgt op het gedrag?
Dit is de belangrijkste factor in OBM, omdat het gedrag vooral wordt beïnvloed door de consequenties die erop volgen. Consequenties kunnen positief of negatief zijn, direct of vertraagd:
– Voor de hond: een beloning (positieve bekrachtiging) of niets.
– Voor mensen: een compliment, een salarisverhoging, of juist kritiek of gebrek aan erkenning.

 

Waarom vallen we terug in oud gedrag?

OBM leert ons dat antecedenten gedrag wel kunnen uitlokken, maar dat consequenties bepalend zijn voor het volhouden van dat gedrag. Stress, spanning of onverwachte situaties kunnen ervoor zorgen dat we terugvallen in vertrouwd, maar ongewenst gedrag.

Dit heeft te maken met hoe ons brein werkt. Het begrijpen van een nieuwe vaardigheid vindt plaats in ons cognitieve brein, maar gedrag komt voort uit ons emotionele brein. Bij stress of druk grijpen we terug naar automatismen, ongeacht onze goede bedoelingen.

Mijn hond Beer die thuis vlekkeloos presteert maar tijdens het examen finaal de mist in gaat, heeft dus niet per se gebrek aan kennis of vaardigheden. Hij reageert op een verandering in de situatie, net zoals wij mensen dat doen.

 

Wat is er nodig voor blijvende gedragsverandering?

Blijvende gedragsverandering vraagt dus meer dan kennis en motivatie. Het gaat erom hoe we omgaan met situaties waarin gedrag op de proef wordt gesteld. Waardevolle lessen die toepasbaar zijn op honden én mensen:
1. Geduld en herhaling – Gedragsverandering is een proces. Verwacht geen perfectie na één succesvolle poging.
2. Context is alles – Wat werkt in een veilige omgeving, werkt niet altijd onder druk. Oefen het gewenste gedrag in verschillende situaties.
3. Positieve bekrachtiging – Beloon kleine successen, zowel bij jezelf als bij anderen.

 

Dus…

Het was eigenlijk al heel knap van Beer dat hij op mijn commando al 1 minuut en 50 seconden van de gevraagde 2 minuten op de plaats kon blijven liggen of halverwege kwam bij het terugsturen naar de plaats. Daar blijven we mee oefenen samen. In het bos, in de achtertuin én bij de hondenschool. En iedere keer dat het lukt beloon ik hem, met complimenten, een speeltje of iets lekkers. Dat herhalen we net zo lang tot het hem in allerlei situaties lukt en hij zich zelfs niet meer laat afleiden door de nabijheid van interessante teefjes…

Dit artikel is geschreven door

Martine van Nuenen

GO Partner | Lead Consultant

+31651505559 martine.vannuenen@gocompany.nl Lees meer